Vrijdag 23 mei 2008 - DORDRECHT - Als het op de openlijke beleving van homoseksualiteit aankomt,
is de middelgrote stad Dordrecht ineens een ‘gereformeerd dorp’.
,,Er kan van alles, zolang je er maar niet in het openbaar over spreekt.’’ Dat zei Wilma Ruis, voorzitter
van het COC Rotterdam, deze week in Dordrecht.
Ruis leidde een rondetafelgesprek met homo-betrokken vertegenwoordigers van onder meer gemeente, politiek, culturele instellingen en onderwijs in Dordrecht.
Thema: het weer zicht- en merkbaar maken van de uit het straatbeeld verdwenen ‘holebi’-cultuur -
waarbij holebi een uit het Vlaams overgenomen verzamelterm is voor homo’s, lesbiënnes en biseksuelen. Het gezelschap, met een hoog holebi-gehalte, besprak eerst of meer zichtbaarheid gewenst en nodig is.
,,In tal van grote steden, zelfs in Istanbul, moet je blind zijn wil je het homoleven niet herkennen,
maar kom je in Dordt, dan zie je niets,’’ werd geschamperd.
,,Dordrecht heeft inderdaad geen ‘gay scene’, althans die is mij nooit opgevallen,’’ meent oud-LPF-politicus en evenementenorganisator Jens van der Vorm. ,,Alle homogelegenheden zijn commercieel gesmoord, ondanks een doelgroep van toch zeker zesduizend homo’s.’’
Van der Vorm gaf echter aan dat in Rotterdam - ,,achttien minuten reizen van Dordt’’ - ook alles te vinden
is wat een homo begeert.
Gemeenteraadslid David Schalken (Beter voor Dordt) vindt, net als een meerderheid van de gesprekspartners, dit niet de goede benadering. Schalken: ,,Wij, zoals we hier zitten, zijn gesetteld in
ons eigen circuit en voelen ons niet meer kwetsbaar. Maar als ik dan een recent verhaal hoor over een Rotterdamse allochtone homo die als enige uitweg zelfmoord zag, vind ik dat ook onze stad nog veel
meer kan uitstralen een plek te zijn waar iedereen mag zijn wie hij is. Er is nog veel werk te doen. Scholieren, zeker in bepaalde milieus, kennen het woord homo vooral als scheldwoord. Sommigen
hebben geen idee wat het is.’’
Een 18-jarige Dordtse homo in het gezelschap bevestigde dat hij zijn geaardheid alleen kan beleven
door naar gelegenheden in Rotterdam te gaan. ,,Ik had in Dordrecht nooit nu al uit de kast kunnen komen.
Ik ken maar een handvol leeftijdgenoten in de stad die openlijk homo zijn. Er is niets voor deze groep en niemand praat erover.’’ Naar zijn idee zouden jongeren enorm geholpen zijn met een bemenst informatiepunt of een jeugdhomocafé.
Dans- en theaterdocent Gerrit Oldenburg van het Da Vinci College is het daarmee eens. ,,Jongeren
moeten een drempel over, maar dan is eerst nodig dat we homo-zijn een plek geven, voorlichten,
laten zien dat het normaal en geaccepteerd is.’’
Hoewel Oldenburg zegt door zijn werkgever altijd te worden gesteund in elk initiatief om homoseksualiteit bespreekbaar te maken, moet hij ook vaststellen dat de school er zelf geen beleid voor heeft.
Politicus Schalken maakte burgemeester en wethouders het verwijt dat zij onlangs een negatief signaal hebben afgegeven over Dordrecht als homostad, door te weigeren een handtekening te zetten onder het convenant ‘lesbisch en homo-emancipatiebeleid’ van minister Plasterk.
Eén dag voor de ondertekening trok Dordrecht zich terug, omdat het college meent dat al genoeg wordt gedaan tegen homodiscriminatie. Schalken: ,,Als je dat zegt, heb je niet begrepen waar dit convenant om draait. Door je als stad aan te sluiten, krijg je toegang tot kennis en geld om specifiek beleid op te zetten, zoals we dat ook voor Antilliaanse vrouwen of tienermoeders doen. Maar vooral maak je dan de kwaliteiten van homo’s in de samenleving zichtbaar, je laat zien dat homo’s geen rare verschijningen zijn. Daarmee breng je integratie echt op gang.’’ Een motie van Beter voor Dordt kreeg deze week in de gemeenteraad genoeg steun (alleen niet van CU/SGP, VVD, D66 en EcoDordt) om het college te dwingen de overeenkomst alsnog te ondertekenen.
Bron: AD.nl