Zuid-Holland-Zuid

’Afname klachten gevolg van onbekendheid RADAR’

12 maart 2009 - Het aantal klachten uit de regio Zuid-Holland Zuid dat in 2008 bij anti-discriminatie organisatie RADAR in Dordrecht binnenkwam, is vergeleken met het jaar er voor sterk gedaald.

De organisatie wijdt de daling aan naamsonbekendheid.

In 2007 noteerde RADAR 64 klachten; vorig jaar waren dat er 44. Locatiemanager Denise Zending denkt dat de naam RADAR in Zuid-Holland Zuid nog vaak geassocieerd wordt met het gelijknamige consumenten programma op televisie.

Onderzoekster Sara Grunenberg bevestigt die indruk. In januari 2009 voerde RADAR een postercampagne in de Dordtse stadsbussen. Dit jaar werden tot 4 februari in het hele werkgebied dertien klachten ingediend. In Gorinchem alleen waren dat er over dezelfde periode vier.

In september 2007 veranderde de naam Meldpunt Discriminatie in RADAR. Daarvoor stond de organisatie bekend onder de naam Anti-discriminatieraad Dordrecht (ADRD). Met de naamsverandering veranderde ook het werkgebied van de organisatie: van uitsluitend Dordrecht naar de regio Zuid-Holland Zuid, zoals RADAR er vanuit Rotterdam voor Rotterdam-Rijnmond is en RADAR Midden- en West-Brabant bestaat.

Het merendeel van de klachten kwam vorig jaar uit Dordrecht. De meesten gingen over herkomst van de klager.

Om goed zicht te krijgen op de vraag in welke mate er in de regio gediscrimineerd wordt, neemt een medewerker elke week één dagdeel klachten door bij de politie. Grunenberg: ,,Vijandige bejegening, dat is incidentele discriminatie, wordt eerder gemeld bij de politie.’’ Ook worden lokale berichten over discriminatie verzameld.

Opvallend is volgens Grunenberg dat allochtonen vooral klachten indienen over godsdienst en herkomst, terwijl autochtonen klagen over het hele scala aan discriminatiegronden.

Cynthia Goedhart was voorheen klachtbehandelaar - nu preventiemedewerker - en weet dat mensen soms klachten niet doorzetten, uit angst voor een slechte sfeer. ,,Het zou niet zo moeten zijn,’’ zegt Goedhart.

,,Zo was er een meisje dat het gevoel had dat haar docenten Nederlandse leerlingen voortrok. Als er herkansingsdata moesten worden afgesproken werd dat alleen aan hen gevraagd en er werd kortaf gedaan.’’

Ze zette de klacht, tot spijt van Goedhart, niet door. ,,Ze zat in haar afstudeerperiode en was bang dat de sfeer zou verslechteren. Ze zou het misschien na haar afstuderen oppakken, maar ik heb haar niet meer kunnen bereiken. Ik had kunnen proberen er getuigen bij te halen. Dan kun je er voor zorgen dat er een onderzoek komt.’’

Een meisje dat solliciteerde op een stageplek had daar de juiste opleiding voor. Ze kreeg in een reactie te horen dat ze niet de goede opleiding had voor het werk. ,,Daarna heeft ze nogmaals gesolliciteerd, onder een Nederlandse naam en werd ze uitgenodigd op gesprek.’’ De klacht wordt nog onderzocht.

Zo kan Goedhart nog meer klachten opnoemen. Discriminatie op het werk: mensen die genegeerd worden, homo’s die getreiterd worden, promotie die wordt onthouden.

Soms leiden klachten tot een strafrechtelijk onderzoek of een onderzoek door de Commissie Gelijke Behandeling. Die gegevens zijn niet terug te vinden in het jaarverslag.

Goedhart: ,,Een hoop klachten worden alleen gemeld, omdat mensen hun verhaal kwijt willen.’’


Bron: AD|Rivierenland

  • Zoeken

Naar boven